Van de diensten.

Artikel
V.

Nopens die Dienaars, die nu alreede in den Dienst des Woords zijnde tot eene andere Gemeente beroepen worden, zal desgelijks zoodanige beroeping [met correspondentie als voren] geschieden, zoowel in de Steden als ten platten Lande, bij den Kerkeraad en de Diakenen met advies of approbatie van de Classe; alwaar de voorzeide beroepenen vertoonen zullen goede Kerkelijke Attestatie van leer en leven [en alzoo bij den Magistraat van de plaatse respectievelijk geapprobeerd]; en der Gemeente den tijd van veertien dagen voorgesteld zijnde, als boven, zullen met voorgaande stipulatiën en gebeden bevestigd worden. [Onverkort, in ’t gene voren gezegd is, iemands deugdelijk recht van presentatie, of eenig ander recht, voor zoveel het stichtelijk kan worden gebruikt, zonder nadeel van Gods Kerk en goeden Kerken-orde, waarop de Hooge Overheden en Synoden der respectieve Provinciën wel gelieven te letten, en ten beste van de Kerken noodige orde te stellen].