95
37,9
27-09-2007

Rubriek: Alles met orde

|9|

Verkiezing van ambtsdragers

 

In tal van gemeenten heeft binnenkort weer verkiezing van ambtsdragers plaats. Dat levert vragen over de gang van zaken rond dubbeltallen en verkiezingsregelingen.

In gemeenten waar de verkiezing van ambtsdragers plaatsvindt door middel van dubbeltallen (ord. 3-6-6) stuit men op de moeilijkheid dat volgens de kerkorde van de Protestantse Kerk aan de gemeente moet worden gevraagd om niet per vacature maar per ambt namen in te dienen. En vervolgens dat — als er één of meer namen voor dat ambt  zijn ingediend — voor elke vacature in dat ambt dubbeltallen moeten worden gesteld. Concreet houdt dat in, dat als vier van de vijf aftredende ouderlingen herkiesbaar zijn en er wordt maar één naam voor ouderling ingediend, voor alle vijf vacatures een dubbeltal moet worden gesteld. Ook als niemand in de gemeente bezwaar zou hebben tegen de herkiesbare ambtsdragers.

 

Nog één keer

Om dit probleem te verhelpen, heeft een aantal classicale vergaderingen een voorstel tot wijziging van de kerkorde ingediend. Het stond op de agenda van de vergadering van de generale synode van 20 april jl. De bedoeling was de nieuwe tekst zo snel mogelijk aan de kerkenraden en de classicale vergaderingen toe te sturen, zodat de verkiezingen aan het einde van dit jaar konden plaatsvinden volgens een vereenvoudigd systeem.
Helaas, door een overvolle agenda is de synode in april niet toegekomen aan de behandeling van de kerkordewijzigingen en moest die worden uitgesteld tot november. Een nieuwe regeling kan dus pas op zijn vroegst in april 2008 van kracht worden. Gemeenten waar men ambtsdragers verkiest via bindende dubbeltallen zullen zich dus nog één keer moeten behelpen met de bestaande (omslachtige) regeling.

 

Voorstel

Ik geef in het kort weer hoe het er in de toekomst (hopelijk) uit gaat zien. In de ‘gewone' verkiezingsprocedure (ord. 3-6-3 t/m 5) blijft alles hetzelfde: gemeenteleden mogen namen indienen per ambt. Er wordt per ambt een verkiezingslijst gemaakt (dus een afzonderlijke verkiezingslijst voor ouderlingen, voor ouderlingen-kerkrentmeester en voor diakenen). Wie door tien of meer stemgerechtigde gemeenteleden is voorgedragen, wordt op de verkiezingslijst geplaatst. Vervolgens worden de benodigde ambtsdragers uit deze lijst(en) gekozen.
Als de gemeente de kerkenraad gemachtigd heeft om bindende dubbeltallen op te stellen (ord. 3-6-6) zal daar — zo luidt het voorstel — voortaan aan de gemeente gevraagd worden om per vacature namen in te dienen. Als voor een bepaalde vacature door één of meer gemeenteleden een naam is ingediend, moet voor die vacature een dubbeltal worden opgesteld. Is er voor een bepaalde vacature geen naam binnengekomen, moet de kerkenraad daarin zelf voorzien. In dat geval  zal de kerkenraad, als er in de vacature van een herkiesbare ambtsdrager geen naam wordt ingediend, de betrokken ambtsdrager dus per enkele kandidaatstelling kunnen herverkiezen.

 

Verkiezingsregeling

Een andere vraag betreft de verkiezingsregeling. In elke gemeente behoort een verkiezingsregeling te zijn waarin wordt vastgelegd op welke wijze de verkiezingen plaatsvinden (ord. 3-2). In deze regeling kan bijvoorbeeld worden vastgelegd dat er bij volmacht kan worden gestemd (ord. 3-2-4) of dat de verkiezing niet in een vergadering van stemgerechtigde leden maar door middel van een stembusverkiezing plaats vindt. Het is de kerkenraad die deze regeling vaststelt (ord. 3-2-1).

Daarbij mag echter niet over het hoofd worden gezien dat de gemeente bij het vaststellen of wijzigen van deze regeling betrokken moet worden. De kerkenraad is niet bevoegd de regeling vast te stellen of te wijzigen zonder daarover de gemeente te informeren en te raadplegen. In ord. 4-7-2 wordt daarvoor de formulering gebruikt: ‘de regelingen (...) worden vastgesteld en gewijzigd na de leden van de gemeente daarin gekend en daarover gehoord te hebben’. De verkiezing van haar ambtsdragers is een zaak die de gemeente als geheel aangaat, en die behoort daarbij dan ook betrokken te worden.
Op zijn minst moet een voorstel om de procedure te veranderen tijdig worden gepubliceerd waarbij de gemeente in de gelegenheid wordt gesteld om schriftelijk te reageren. Maar het is ook mogelijk een nieuwe verkiezingsregeling op een gemeenteavond aan de orde te stellen, zodat de leden daar hun opvatting kenbaar kunnen maken. Het is de kerkenraad die uiteindelijk de regeling vaststelt, maar die behoort daarbij gevoelens die in de gemeente leven, zwaar te laten meewegen.