I. De diensten

Artikel
11

Dienst van de predikant; bijzondere opdrachten

De dienst van de predikant houdt in: de verkondiging van het Woord van God, de bediening van de sacramenten, het voorgaan in de openbare gebeden van de gemeente, het met zijn medeambtsdragers herderlijk zorgen voor de gemeente en haar leden, het verdedigen en doorgeven van de zuivere leer en het onderwijzen van de jeugd der gemeente en van allen die onderwijs behoeven.
Het zal mogelijk zijn, dat sommige predikanten een bijzondere opdracht ontvangen ten behoeve van de opleiding tot de dienst des Woords, tot geestelijke verzorging van bijzondere aard of ter verbreiding van het evangelie.
Zij zullen aan een gemeente verbonden blijven. De verhouding waarin zij tot de betrokken gemeente staan, dient geregeld te worden onder goedkeuring van de regionale vergadering.