Jur. NHK 1984 18/84

18/84

Bezwaar tegen het verlenen van ongevraagd verlof krachtens ord. 13-22-4.

Zes grieven: o.a.
- betrokkene is niet tevoren door het breed moderamen van de provin­ciale kerkvergadering gehoord.

Een maatregel als deze behoort in beginsel niet te worden genomen dan na voor­afgaand horen van partijen. In dit geval kon maatregel worden genomen, omdat BM reeds zeer geruime tijd met de "onderwerpelijke problematiek" be­kend was. De grief dat BM zijn besluit genomen heeft uitsluitend "op signa­len van verontrus­ten" is onjuist. Ook zij zijn niet gehoord.

- GCBG acht ook de grief ongegrond tegen de overweging van de PC dat het BM tot een dergelijke maatregel bevoegd is en door de PC slechts wordt getoetst op een juiste wijze van totstandkoming en, voor wat de inhoud be­treft, mar­ginaal.

BM en PC konden in redelijkheid tot de conclusie komen dat escalatiegevaar aan­wezig was.